Onderhoudsinspecties: Betonrot herkennen en herstellen

Woningen die gebouwd zijn tussen 1950 en 1975 hebben vaak ‘betonrot’. Er werd toen namelijk gebouwd met minder goed beton. Bovendien was het gebruik van calciumchloride nog toegestaan om het beton sneller te laten uitharden. Hoe is betonrot te herkennen en wat zijn de gevolgen voor de constructieve veiligheid? 
 
‘Betonrot’ is eigenlijk een vreemde benaming. Het beton rot namelijk niet, maar er ontstaat schade aan beton door corrosie van de wapening. Hierdoor neemt het volume van het staal toe en kan beton gaan scheuren. Door die scheuren treedt extra vocht toe, en neemt de corrosie verder toe. Uiteindelijk kunnen er hele schollen beton wordt weggedrukt. 

Calciumchloride

Tussen 1965 en 1983 zijn veel kwaaitaal- en mantavloeren gebruikt in de bouw. Aan het beton dat de gelijknamige firma’s gebruikten bij de bouw, werd calciumchloride toegevoegd. Hierdoor verhardden de vloeren veel sneller met verdubbeling van de productie tot gevolg. Juist die calciumchloride zorgt voor corrosie van de wapening en dus het verzwakken van de vloer. Het is niet meer toegestaan om dit te gebruiken.

Maar er zijn ook andere oorzaken van betonaantasting. Zoals bij galerijvloeren van flatgebouwen uit de jaren ’50 en ’60. Dit zijn veelal woongebouwen met vier, vijf of zes woonlagen met uitkragende balkons aan de achterzijde en een galerij aan de voorzijde. Na verloop van tijd ontstaan er nabij de ophanging scheurtjes in het beton waar vocht doorheen dringt. Dat kan uiteindelijk de stalen draagconstructie aantasten met corrosie (roest) als gevolg. Het strooien van zout op galerijvloeren verergerd het proces. 

Herkenning

Betonrot is in de eerste plaats te herkennen aan afgedrukte schollen beton, maar dan is de aantasting al ver gevorderd. Bij galerijvloeren zie je vaak nabij de ophanging in de gevel lichtbruine vlekken. Die komen van lekwater dat langs verroeste wapeningsstaven loopt. Nadere inspectie is dan nodig. Kleine (haar)scheurtjes nabij de ophanging zijn ook een indicatie. 
Een goede afwatering is in ieder geval van groot belang. Hierdoor blijft er geen water op het balkon staan, met daardoor een verminderde kans op vochtindringing. Een goed afschot en vrijhouden van afvoeren is daarbij het devies. Ook moet er bij voorkeur geen strooizout worden gebruikt om gladheid te bestrijden. 

Betonrot kan gevolgen hebben voor de constructieve veiligheid. Vooral als er zware plantenbakken of bijvoorbeeld een zware parasolvoet op het balkon staan. Een balkon is niet berekend op dergelijke permanente lasten. Vooral voor woningen uit de periode ‘45 - ’75 geeft dit een risico, in combinatie met betonrot. 

Aanpassing bouwregelgeving

Nadat in 2011 de galerijvloeren van vijf etages van de Antillenflat in Leeuwarden bezweken door doorgeroeste wapening, werden gebouweigenaren opgeroepen om onderzoek naar de veiligheid van de draagconstructie te doen. In 2016 is daartoe de Regeling Bouwbesluit gewijzigd. Vóór 1 juli 2017 moest door de woningeigenaar onderzoek zijn gedaan naar de veiligheid van uitkragende betonnen galerij- of balkonvloeren. Dat betreft met name de galerijflats die gebouwd zijn tussen 1950 en 1970.

Als we kijken naar de in Nederland van toepassing zijn de regelgeving voor constructieve veiligheid dan zijn de door Bouwbesluit 2012 aangewezen Eurocodes van toepassing op nieuwbouw. Voor bestaande wordt echter NEN 8700 ‘Beoordeling van de constructieve veiligheid van een bestaand bouwwerk bij verbouw en afkeuren – Grondslagen’ aangewezen. Er is een specifiek prestatieniveau waar een bouwwerk absoluut niet onder mag komen. NEN 8700 bevat de voorschriften om te beoordelen of die bouwwerken in constructieve zin moeten worden afgekeurd.

Van belang is ook de NEN 2767: dé norm voor conditiemeting. Conform de norm NEN 2767 is conditiemeting het instrument voor het objectief en uniform meten van de fysieke kwaliteit van bouw- en installatiedelen van gebouwen en/of infrastructuur. Conditiemeting is een soort ‘checklist’ waarmee de technische staat van een gebouw of infrastructureel bouwdeel kan worden gemeten. Dat gaat dus volgens NEN 2767. Kortom, deze norm is ontzettend nuttig voor iedereen die verantwoordelijk is voor onderhoud en beheer.

Maar wie is verantwoordelijk? Wie is de ‘woningeigenaar’? Bij een huurwoning is dat de woningcorporatie. Bij een koopwoning in een woongebouw valt de galerij onder de gemeenschappelijke ruimte van een flatgebouw of appartementencomplex. Dan is de Vereniging van Eigenaren (VvE) verantwoordelijk. Bij een balkon is de eigenaar zelf verantwoordelijk. Heeft er voor 1 juli 2017 geen inspectie plaatsgevonden, dan kan de gemeente dat zelf doen en de kosten verhalen op de eigenaar.

Herstel

Het herstel van een aangetaste balkon- of galerijvloer kan bestaan uit het aanbrengen van extra draagbalken of kolommen en/of het versterken van de betonconstructie. In het uiterste geval kan ook sprake zijn van volledige vervanging. Het zal duidelijk zijn dat cosmetische oplossingen, zoals het dichtzetten van scheuren en overschilderen geen duurzame oplossing biedt.

Bron: Bewerking artikel van NU.nl, Merijn van den Boom, ‘Betonrot: Hoe herken je het en wat doe je eraan?’ 

Praktijkgerichte training NEN 2767 Onderhoudsinspecties
Volg de trainingen NEN 2767 Onderhoudsinspecties:
- NEN 2767: Conditiemeting van gebouwen, kennismaking met de praktijk
- NEN 2767: Praktijktraining Onderhoudsinspecteur vastgoed

Aanmelden nieuwsbrief

Meld u aan voor de nieuwsbrief en blijf automatisch op de hoogte.